Mustafa, 15

“Er zijn nog steeds van die momenten dat ik de controle even verlies. Dat mijn hoofd op hol slaat en ik mezelf echt niet meer in de hand heb. Op de duur voel je het al van kilometersver aankomen natuurlijk. De uitlokkerszijn elke keer anders: een rare blik van een klasgenoot of een slechte toets.

Op die momenten weet ik dat ik de negatieve spiraal in mijn hoofd zelf even niet kan stoppen. Dat ik gewoon hulp moet zoeken, een vriend moet bellen of een rondje moet gaan joggen. Want dat maakt een verschil.

Mijn slechte momenten zelf zijn misschien niet veranderd. Maar ik ga er nu anders mee om. Ik schaam me ook niet langer om hulp te vragen.”